PENSIOENEN

‘SOLIDAIR CONTRACT BIEDT MEESTE ZEKERHEID’

Tekst Ronald de Kreij Beeld Doon van de Ven

HUUB VAN DEN DUNGEN: ‘HET IS GEEN GOED IDEE OM TE GAAN DOBBELEN MET JE INKOMEN’

Uiterlijk 1 januari 2027 wordt het nieuwe pensioenstelsel definitief van kracht. De vakbondsleden in het spoor- en streekvervoer hebben hierop nu al een voorschot genomen door een keuze te maken voor een van de twee pensioenvarianten: flexibel of solidair. Het zal niet verbazen dat de FNV een voorkeur heeft voor de solidaire variant.

De pensioenregeling van de werknemers in het spoor- en streekvervoer is onderdeel van de cao. Een wijziging van die regeling betekent dus ook een wijziging van de cao. Daarom zijn de vakbonden verplicht om een dergelijke aanpassing aan de leden voor te leggen. Zij bepalen immers wat het standpunt van hun bond gaat worden.

FNV Spoor en FNV Streekvervoer hielden van 18 mei tot 1 juni ledenraadplegingen rond de vraag welke pensioenregeling hun voorkeur heeft. Op het moment van schrijven van dit artikel was de uitkomst daarvan helaas nog nét niet bekend. Huub van den Dungen hoopt dat de keuze is uitgekomen op de solidaire variant. Hij legt uit wat het verschil is met de andere optie, de flexibele variant.

Samen versus persoonlijke keuzes

Van den Dungen is namens de FNV afgevaardigd in het bestuur van het Pensioenfonds Rail en Openbaar Vervoer en hij ondersteunt en adviseert tevens collega-vakbondsbestuurders wanneer pensioenafspraken onderdeel zijn of worden van een cao. Het is een drukke tijd voor hem, want er komt een nieuw pensioenstelsel aan. Hoewel de Wet Toekomst Pensioenen uiterlijk pas op 1 januari 2027 definitief van kracht moet zijn, zijn de voorbereidingen al gaande. Waarschijnlijk nog voor de zomer is er instemming van de Tweede en Eerste Kamer, waarna de sociale partners en pensioenuitvoerders nog maximaal vier jaar de tijd krijgen om de pensioenregelingen hieraan aan te passen.

Wat niet verandert is de rolverdeling tussen de betrokken partijen. De overheid stelt het wettelijk kader vast en zorgt voor de fiscale facilitering. De werkgevers en werknemers sluiten pensioenovereenkomsten en laten deze uitvoeren door een pensioenfonds of verzekeraar. De afspraken hierover leggen ze vast in de betreffende sector- of bedrijfs-cao’s. Bijvoorbeeld de afspraak om te kiezen voor een solidair of voor een flexibel contract. In beide regelingen krijgen pensioendeelnemers een persoonlijke pensioenpot. Bij de solidaire regeling ligt meer de nadruk op samen beleggen en samen risico’s delen. Bij de flexibele regeling ligt daarentegen meer de nadruk op het kunnen maken van eigen, persoonlijke keuzes.

Tweede-pijlerpensioen

Om gelijk maar met de deur in huis te vallen: ‘De FNV heeft een sterke voorkeur voor het solidaire contract’, vertelt Van den Dungen. ‘Dat zal niet verbazen, want solidariteit is een van de kernwaarden van de bond. Ook waar het gaat om het nieuwe pensioenstelsel heeft solidariteit belangrijke pluspunten.’

‘Ons uitgangspunt is een goede oudedagsvoorziening’, aldus de pensioenbestuurder. ‘Dat kan door naast de AOW een zogenoemd tweede-pijlerpensioen op te bouwen. Onder het huidige pensioenstelsel is de hoogte van de uitkering daarvan zo goed als gegarandeerd. Maar die zekerheid valt onder het nieuwe stelsel weg. Omdat we inkomenstegenvallers bij pensionering zoveel mogelijk willen tegengaan, moeten we aan de voorkant nadenken hoe we dat kunnen opvangen. Door de risico’s met elkaar te delen bijvoorbeeld. Oftewel: met een solidair pensioencontract.’

Keuze is aan de leden

Uiteindelijk is de keuze voor een solidair of flexibel contract aan de leden. ‘Daarom luisteren wij heel goed naar wat zij willen. Maar we leggen ook uit wat wij vinden. Bijvoorbeeld dat het pensioen zeker voor jongeren een zaak voor de lange termijn is en daarom heel lastig om nu over te beslissen. En we vertellen ook waarom wij denken dat solidair beter is dan individueel. Eenvoudigweg omdat je daarmee de risico’s beter kunt afdekken.’

Van den Dungen maakt een vergelijking met een brandverzekering. ‘Als je de pech hebt dat jouw huis afbrandt, zijn de kosten voor herbouw vele malen hoger dan de premie die je ooit hebt ingelegd. Bovendien heb je geluk dat heel veel andere premiebetalers niet dezelfde pech hebben als jij, en dat zij hierdoor bijdragen aan jouw nieuwe huis. Iets dergelijks geldt ook voor pensioenbeleggingen. Voor een grote groep mensen van verschillende leeftijden en in diverse levensfases kun je de risico’s beter verdelen dan voor één persoon. Dit maakt dat de uitkering uiteindelijk niet al te veel fluctueert omdat tegenvallers gemakkelijker kunnen worden opgevangen.’

Verschillende voorkeuren

In zijn dagelijkse werk ziet Van den Dungen bij de meeste bedrijfstakpensioenfondsen en dus ook bij het Pensioenfonds Rail en OV een voorkeur voor het solidaire contract. Ondernemingspensioenfondsen zoals die van de financiële instellingen ABNAMRO, NN en a.s.r. bijvoorbeeld neigen iets meer naar de individuele variant. ‘Het zal me niet verbazen dat dit komt omdat financiële instellingen vaak zelf een partij zijn waar individuele contracten kunnen worden ondergebracht. We kijken hier als bond wel kritisch naar, want als je dergelijke afspraken nu al in cao’s opneemt, kun je daar straks als de keuze onder het nieuwe pensioenstelsel definitief moet worden gemaakt niet gemakkelijk meer van af.’

De keuze voor een flexibel contract betekent volgens de pensioenbestuurder niet dat de pensioendeelnemers straks daadwerkelijk zelf dienen te gaan beleggen voor hun pensioen, maar ze moeten wel een beleggingsprofiel kiezen. ‘Het is niet voor niets dat de beleggingswereld passief beleggen heeft ontwikkeld. De praktijk leert namelijk dat de meeste mensen die denken dat ze beter zijn in beleggen dan anderen, vaak juist slechter scoren dan het gemiddelde. Persoonlijk vind ik het überhaupt geen goed idee om te gaan dobbelen met je inkomen. Dat moet je alleen doen met geld dat je over hebt. De verantwoordelijkheid voor je pensioeninkomen in de verre toekomst zou ik vooral overlaten aan de mensen die hier verstand van hebben.’

Tot slot nog een welgemeend advies: ‘Een solidair contract levert maatschappelijk gezien uiteindelijk het meeste op. Dus ik hoop dat onze achterban hier nu ook voor gekozen heeft. Je bent als werknemer en als mens immers onderdeel van die maatschappij.’

‘HET UITGANGSPUNT IS EN BLIJFT EEN GOEDE OUDEDAGSVOORZIENING’

Deel deze pagina